25 mei 2021nieuws

Er heeft inmiddels weer een nieuwe release (2.2) plaatsgevonden van de Antea BDOK-rapportagemodule (BDOK, bodem digitaal op de kaart).

Onderstaande verbeteringen zijn hierin meegenomen:

Verontreinigingscontouren

  • Verontreinigingscontouren worden vanaf deze release bevraagd als verdachte bron. Dat betekent dat een CROW-Quickscan voortaan de conclusie “verdacht” kan krijgen als er een of meerdere verontreinigingscontouren gekruist worden.
  • Huisaansluitingen (als kaartlaag aanwezig).
  • Quickscan (onderdeel van bevraging).

Verdachte onderzoekstypen

  • Bepaalde onderzoekstypen (bijv. BUS-melding of nader onderzoek) worden als verdacht beoordeeld, wanneer deze onderzoeken geen toetsresultaten (dus toetsbare gehalten) bevatten. Deze typen onderzoeken wijzen op een (voormalige) sterke bodemverontreiniging. Indien deze onderzoeken aanwezig zijn, geven ze in de nieuwe CROW-Quickscan de conclusie “verdacht”.
  • Kijk in de FAQ om de volledige lijst van de verdachte onderzoekstypen te zien.
  • Quickscan (onderdeel van bevraging).

Bevragen bodemkwaliteitskaart in relatie tot bodemonderzoeken

  • De bodemkwaliteitskaart werd enkel bevraagd indien de CROW-Quickscan geen onderzoeken met toetsresultaten kruiste.
    In deze release wordt er beoordeeld of het oppervlakte van de buffer minstens 25% overlap heeft met een geraakt onderzoek.
    Is dit niet het geval, dan wordt ook de bodemkwaliteitskaart bevraagd. Dat zorgt ervoor dat de conclusie representatief is voor de gehele geselecteerde locatie.
  • Bovenstaande geldt alleen voor CROW-Quickscans die geen andere bron van verdachtmaking raken. Worden er wel verdachte bronnen geraakt, dan is de scan immers al verdacht en is een extra bevraging van de bodemkwaliteitskaart niet nodig om de eindconclusie te bepalen.
  • Quickscan (onderdeel van bevraging).

Gescheiden ontgraven

  • Er wordt een advies gegeven over gescheiden ontgraving op de locatie. Op basis van de in BDOK aanwezige bronnen kan worden geconcludeerd dat de verwachte bodemkwaliteit in boven- en ondergrond van elkaar verschilt. Ontgraving van boven- en ondergrond dient dan volgens het Landelijk Afvalbeheerplan (onderdeel B7) gescheiden plaats te vinden. De bronnen die dit advies vormgeven zijn de bodemkwaliteitskaarten, bodemonderzoeken met toetsresultaten, ophogingen/dempingen, verontreinigingscontouren, zinkassenwegen en van de bodemkwaliteitskaart uitgesloten wegbermen. Het advies staat los van de conclusie of de locatie verdacht of onverdacht is.
  • Huisaansluitingen (als kaartlaag aanwezig).
  • Quickscan (onderdeel van bevraging).

Meer informatie hierover? Neem contact op met Paul Doomen via paul.doomen@synfra.nl